dinsdag 27 april 2010

Onwerkelijke weerkaatsing in de zilveren zon

"Minder dan vier verst van de Madrassa lag een dood paard. De kinderen, allen tussen vier en zeven jaar, staarden er eerst vanop een afstand naar. De stoersten onder hen begonnen dan stenen te gooien, zochten vervolgens een stok om in de met vliegen bezaaide huid te porren en één van hen, Alfred, besloot het onderzoek met het openduwen van het ooglid van het zwarte beest. In de pupil kropen vette, romig-gele maden rond en Alfred liet als door een daas gestoken zijn stokje vallen. 
Allen lachten hartelijk om het voorval, en gehoorzaamden de lagepriester die hen weer naar binnen riep," vertelde Joop me op een druilerige namiddag in december 2008. We zaten pannekoeken te eten in een door vier Pakistanen uitgebate tent in Zuid-Rotterdam. Met ons tweeën vulden we al een kwart van de minuscule gelagzaal en toen ik plots dreigde te stikken in een lange paardenstaart schoten ze mij allevier te hulp met grote hoeveelheden yoghurt met kaneel en saffraan. Gulzig zette ik mijn lippen aan de marmeren kroes en met een uiterste krachtinspanning slaagde ik erin alles braaf door te slikken.
Niet veel later reden we in de krachtige wagen van Joop door het havengebied. Ik complimenteerde hem met zijn verfijnde rijstijl, en hij antwoordde laconiek: 'dat komt ervan als je opgroeit op de schoot van je vader op een tractor!'
In een grote loods hield Joop kantoor. Zijn werkterrein nam slechts een halve procent van de totaal aanwezige ruimte in en toen ik hem daarop attendeerde antwoordde hij laconiek: 'dat komt ervan als je tijdens je jeugd rondspeelt in gigantische silo's, graanschuren en witloofkweekbarakken!'. Met de hulp van enkele van Hollands fijnste vakmensen was Joop erin geslaagd enkele geraffineerde en bijzonder fijngevoelige kunstwerken te maken. Hoewel hij er nog lang niet was in geslaagd de voor het bereiken van enige faam vereiste goedkeuring van welbepaalde galeriehouders, journalisten en andere kunstpausen te bekomen, met de daarbij horende hoge bedragen, moest Joop zich met zijn landgoed en erfenisje al bij al weinig zorgen maken om het brood op de tafel.
Zijn schattige vriendin, die slechts vier dagen jonger was dan hij oud was was was, verscheen plots en schonk ons frisse glazen biologisch appelsap in. Zonder één woord te zeggen verdween ze weer, en even later zag ik haar via een ladder een hangmat bereiken in de nok van de loods. 'Vreemd dat ze niets zei,' zei ik. 'Ze zegt nooit iets wanneer ze iemand voor het eerst ontmoet,' zei Joop, 'maar dat ze daar nu in die hangmat ligt, mag je zeker als een expliciete en zelfs vrij uitzonderlijke blijk van goedkeuring zien. Niet zelden gaat ze na mensen te ontmoeten naar buiten om stadsduiven, die ze met éclairs, boule de berlins en donuts lokt, dood te schieten met een luchtdrukpistool. Daarna komt ze soms met een hoed van dode duiven, ruw aan elkaar geregen met strengen breiwol, weer naar binnen. Je hebt het dus heel goed gedaan, Wart de Bever!' 'Dank je Joopje, dat is een pak van mijn hart. Nu zou ik graag met je mooie wagen naar een frituur of beter nog, een McDonalds rijden om ons daar of toch zeker ik alleen tegoed te doen aan allerlei lekkere vettigheden vettige lekkerheden als daar zijn 'amburgers, cheeseburgers, ook die crispy McBacon en dan nog zachte dranken als sprite en seven-up en ook milkshakes, want ik moe me sterk vreten om het land te redden, ok?' 'Voor mij is het goed,' zei Joop, en ze namen plaats in deze auto en stoven weg.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen