vrijdag 16 juli 2010

Dustpan, Ohio

Op de veertiende verdieping van het gebouw van zijn werkgever tikt Roman tegen het glas. Hier zit een slakje op het raam. Hoe kan dat nu? Dag klein slakje, wat doe je daar? Ben je helemaal alleen naar boven gekomen? Ik zal morgen eens op de vijftiende verdieping kijken, misschien zie ik je daar dan wel.
De volgende dag was het slakje in geen velden of wegen te zien, niet op de vijftiende, niet op de veertiende en zelfs niet op de dertiende verdieping.
___
 
Femke heeft last van een droge mond. Heel de dag door zit ze water te drinken, maar verdikkeme, die droge tong en keeltje willen zich maar niet laten bevochtigen! Op aanraden van een collega heeft ze eens een pakje van 4 alcoholvrije biertjes gekocht in een glazen wegwerpverpakking, maar dat smerig vocht spuugde ze gelijk weer uit. Tot ze op een dag haar eerste Geuze drinkt in een bruine Brusselse kroeg: eerst monstert ze de amberen kleurenpracht in het glas, dan een eerste keer het neusje in het glas: kaboem! Alsof ze de geur herkent vanuit haar jeugd, en tenslotte, die eerste slok. Een weinig verbazing door de zachte belletjes, maar dan at last! De zuren en bitters waar haar mondje zo naar bleek te verlangen.
Heden is haar mondje romig, zacht en warm als de binnenkant van een koeienuier en staan de jonkheren in lange rijen klaar om naar haar hand te dingen in de hoop ooit...

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen