maandag 4 oktober 2010

Bloemen doen aan boeken denken, en aan eenden

Laatst bevond ik me in het Gentse filiaal van de Franse multimediaketen Fnac. Nu de tram weer vlotjes door de Veldstraat bolt is de weg daar naartoe opnieuw een huzarenstuk. En je moet niet denken dat het koopvee aan de kant gaat wanneer je hen al slalommend wil passeren. Enfin, plots sta ik daar dan toch, en hoewel grote horden mensen de prijzenpolitiek (véél té hóóg!) daar laken, zijn er blijkbaar nog genoeg rekels en rekelinnen te vinden die de weg naar de internetwinkels nog niet hebben gevonden. Moest het niet zijn voor een cadeaubon ten belope van 30 euro, ik zou er zelf uiteraard ook geen poot meer binnen zetten, tenzij om enkele zaken te betasten alvorens ze aan een fractie van de prijs elders te bestellen.
Enige tijd later stond ik, trillend als een espenblad, weer buiten, met in mijn rugzakje Freedom van Jonathan Franzen, Datumloze Dagen van Jeroen Brouwers en De Avonden van Gerard Reve. Vooraleer ik mijn tanden in deze boeken mag zetten, moet ik echter nog The Little Friend van Donna Tart uitlezen, zij het niet echt van harte. Dat sleept zich maar voort, en beklijft niet zoals haar Verborgen Geschiedenis. En hoewel het boek van Franzen werkelijk kapot wordt opgehemeld, en ik van De Correcties en The Discomfort Zone heb gesmuld als van verfijnde amuse-geules op een zilveren dienblad met daarbij een fluit met een millésimé van Krug, dien ik eerst een origineel Nederlandstalig werk te lezen, omdat er een balans moet zijn, want anders krijgen de Engelstalige takken van de literaire boom het overwicht en kunnen de wortels dat niet meer ondersteunen en valt het geheel om, en daaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaas nie goe!
 
Momenteel heb ik veel zin in vis. Liefst gerookte forel, maar het mag ook een maatje zijn (zijn er nu maatjes?) of zelfs wat sardines uit blik of neen, gerookte zalm op een warm broodje met een beetje mayonaise en bieslook en peper. Af en toe vis eten, dat moet kunnen. Wat zou een mens zijn zonder vis? Vraag dat maar aan die miljarden mensen die alleen maar kunnen dromen van vis, terwijl wij alle dagen met onze volgevreten buiken lopen te tobben over de kleur van de muur, die kalkaanslag in de toiletpot, de twijfel over de toekomst (die hoe dan ook volgevreten zal zijn) en waar we dit jaar voor de vierde keer op vakantie zullen gaan.
 
Vanavond zal ik een ijsje eten. Eerst een dikke biefstuk met gebakken aardappels en erwten (uit blik), en dan een ijsje van Ben & Jerry's. De smaak kan ik nooit onthouden. Iets met New York misschien? Het ijs van Ben & Jerry's is lekker, maar beenhard wanneer het net uit de diepvriezer komt. Af en toe buigen wij zo lepels om, iets waar ik als kind altijd van droomde. Net als vliegen. Niet als een vlinder, want dat is fladderen en sterven op het water (volgens die Nederlandse zanger), maar als een roofvogel. Een uil misschien, die enigmatisch is, en erudiet en alleen naar goeie films kijkt en zijn tijd niet verdoet met het kijken naar idiote filmpjes van skateboarders die op hun gezicht gaan, maar af en toe toch eens met een grote emmer popcorn naar een Amerikaanse blockbuster gaat kijken, al dan niet met een 3D-brilletje op zijn bek. De samenstelling van de braakballen achteraf is voer voor de betere doctorandus: "collega, moet je dit zien, het lijkt wel alsof deze steenuil een volledige maaltijd heeft gegeten bestaande uit popcorn. Vind je dat niet vreemd?" Of zoiets.
 
Af en toe heb ik verschrikkelijke zin in witte chocolade, maar altijd kan ik aan die walgelijke drang weerstaan. Daarom is mijn buik minder dik dan die van jou.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen