vrijdag 1 oktober 2010

gtr

"Waarom draagt u een hoedje van papier, opa?"
"Om beter te kunnen praten met je overleden grootmoeder, wijsneus!"
"Maar opa, oma die leeft toch nog!"
BAM! BAM! BAM!
Een rokende loop, een lopende rok, en dan plots, BLOED!
Oma heeft een hondsdolle kat neergeschoten. "Carlo, kom eens hier met de kleine! Ga samen dat beest maar begraven, maar breng eerst dat hart naar hier, ik ga dat bakken en opeten." "Natuurlijk Denise, ik doe het meteen."
  "Zeg opa, waarom gehoorzaam jij oma altijd, ook als je vuile karweitjes moet opknappen?" "Zwijg nu Tobias, of ik stop je mee onder de zoden met die smerige kat! Snij dat hart uit en breng het naar je mémé, want die gaat dat bakken en opeten." "Eikes, da's vies!" "Vies! Vies! Vies! Kaka doen op een bord, dat is vies! Je weet niet hoe gezond dat dat is zeker, zo'n kattenhart?" "Neen opa, ik weet dat niet," zegt Tobias met een pruilmondje. "Nog veel gezonder dan een paar zakken chips, dat kan ik je wel vertellen! En SNIJ NU DAT HART UIT DIE KAT!"
Met een scherp mesje snijdt Tobias het hart uit de kat, en brengt het naar zijn grootmoeder. "Heel flink, jongen, héél flink! Wil je een stukje proeven?" "Neen, oma, ik vind dat vies!" "Vies? Vies? Vies? Pipi doen op een croissant, dat is vies!" "Ok, een klein stukje dan." En oma schroeit het bloedend hart van de kat toe, voegt peper en zout toe en laat het klompje op een bord glijden. Met een steakmes snijdt ze een stuk af en stop het in Tobias' mondje. "Mmm, oma! Dat is super lekker!" En de kleine schavuit graait het gebakken hart van het bord en stopt het in zijn mond. Het bloed stroomt hem langs de mondhoeken op zijn spierwitte hemd met gesteven kraag. Zijn zijden dasje met goudbrocaat blijft gelukkig gevrijwaard van deze onherroepelijke bevlekking. Grootmoeder knikt bemoedigend terwijl Tobias moeite heeft om het vlees te kauwen, maar na enige ogenblikken lukt het hem dan toch. "En ga nu je grootvader maar helpen met het graf voor dat beest. En laat de rest van de organen zitten hé, smulpaap," zegt oma met een knipoog.
  Even later zitten Tobias en Carlo een blikje pils te drinken op een bankje in de tuin. Ze kijken uit over de Vlaamse Ardennen, die prachtig glooien en schitteren in de lentezon. "Hé hé, dat hebben we toch weer goed voor mekaar hé grootvader." "Jazeker jongen, en je naam is voor een hond." "Hoe bedoel je?" "Ken jij nog andere jongens of meisjes die Tobias heten misschien?" Het gezicht van de vierjarige jongen betrekt, en hij begint met zijn voetjes te trappelen van frustratie. "Euhm, nee, opa, ik ken niemand anders." "Dat komt omdat jouw naam normaal aan hondjes wordt gegeven, kleinzoon van me. Ken je dat hondje niet uit Suske en Wiske, dat ook Tobias heet?" "NEEN OPA," en het mannetje begint onbedaarlijk te schreien. "Kom, kom, jongen, niet huilen. Voor wat centen kan je die naam weer laten veranderen. MAAR WEL PAS WANNEER JE ACHTTIEN BENT, WAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHA!" "Opa, ik vind dit niet leuk! Je bent stout! Héél stout!" En Tobias loopt woedend naar zijn grootmoeder, die in de keuken een grote varkenslever staat te ondooien met een gasbrander, een aluminium naald en een boek over ontdooien. "Ah jongen, is het gelukt met de kat? En heeft je pintje gesmaakt? Maar wat zie ik nu, je bent aan het huilebalken? Wat is er gebeurd?" "Opa is stout! En ik heb honger!" En Tobias gritst de nog niet volledig ontdooide lever uit de handen van zijn grootmoeder en smult hem in één, twee, drie naar binnen, hierbij jammer genoeg ook zijn zijden das met goudbrocaat besmeurend met bloed.
Niet veel later komen de ouders van Tobias toe. Het is te zeggen, zijn vader komt toe met zijn nieuwe vriendin. Ze hebben een dvd bij van hun verlovingsfeest en zouden deze graag aan zijn ouders tonen, die daar hoegenaamd geen interesse voor hebben. Bij het aanschouwen van zijn bebloede zoon, slaakt Frederik een ijselijke kreet, die bij zijn verloofde twijfels doet ontstaan over zijn mannelijkheid.
  Twintig jaar later is Tobias een succesvol installateur van airco's bij particulieren, en heeft hij een zwembad in zijn tuin, een motorfiets met een motorinhoud van 1299cc in zijn garage en in een prachtige serre een collectie exquise bonsaïs die hoge ogen gooien op internationale wedstrijden.
Bovendien eet Tobias geen vlees meer, en zo krijgt dit verhaal alsnog een vrolijk en bemoedigend einde.

3 opmerkingen:

  1. Ik heb honger naar meer van dat! Trouwens hoe zit het met jouw deelname aan verdere schrijfwedstrijden? Ik wil dit hier nog maar eens HARD bemoedigen.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. HAHA! Moest je niet overgeven toen je dit schreef?

    BeantwoordenVerwijderen