maandag 13 augustus 2012

Max Havelaar


Dit is voorzeker een schoone roeping. Rechtvaardigheid voortestaan, den geringe te beschermen tegen den machtige, den zwakke te beschutten tegen de overmacht van den sterke, het ooilam van den arme terug te vorderen uit de stallen des vorstelyken roovers … zie, 't is om 't hart te doen gloeien van genot, by 't denkbeeld dat men geroepen is tot iets zóó schoons! En wie in de javasche binnenlanden soms ontevreden moge zyn met standplaats of belooning, hy sla het oog op den verheven plicht die op hem rust, op 't heerlyk genoegen dat de vervulling van zulk een plicht met zich brengt, en hy zal geen andere belooning begeeren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen